Een bevalling is voor veel vrouwen één van de bijzonderste gebeurtenissen in haar leven.

De bevalling

Elke bevalling is anders en elke vrouw beleeft het weer op haar eigen manier. De meeste bevallingen verlopen grofweg volgens dezelfde stappen. Je kunt zelf veel doen zodat je jouw bevalling vol vertrouwen tegemoet gaat. Een goede voorbereiding is het halve werk: ga op zoek naar informatie, stel vragen aan jouw verloskundige en rust goed uit voor je moet gaan bevallen. Last but not least; heb vertrouwen in jezelf en je lichaam! Meestal begint de bevalling met weeën. Soms doen die weeën meteen al pijn en volgen ze elkaar al snel op. Maar meestal zijn ze in het begin nog kort, onregelmatig en niet zo pijnlijk. Vaak kun je gewoon doorgaan met waarmee je bezig bent. Hooguit zul je af en toe even stilstaan omdat je iets voelt. Deze ‘voorweeën’ maken de baarmoedermond alvast soepeler. Om te kijken of je bevalling echt begonnen is, let de verloskundige op je weeën en voelt naar de baarmoedermond met een inwendig onderzoek. Zo krijgt ze een goede indruk over de fase van je bevalling. Heel vroeg in de bevalling is het voor de verloskundige ook wel eens moeilijk om te beoordelen of je echt begonnen bent. Geen nood: een paar uur later weet je het zeker! De bevalling kan zich ook aankondigen met het breken van de vliezen. Ook dan zijn sterke weeën nodig om de baarmoedermond open te maken. Ze beginnen meestal binnen 24 uur na het breken van de vliezen.

Een wee is een samentrekking van de baarmoederspier. Het voelt als een soort kramp in je onderbuik die langzaam opkomt, erger wordt en dan weer afzakt. Je kunt zo’n wee vergelijken met een golf die aanspoelt op het strand. In het begin voel je de pijngolf aan komen rollen. Net voor de golf omslaat, is de pijn het hevigst. Daarna trekt de golf terug en voel je de pijn weer minder worden. Tussen de weeën door is er rust in je buik. De weeën worden sterker, komen vaker en regelmatiger en doen meer pijn naarmate de bevalling vordert. De ontsluitingsweeën zorgen ervoor dat je baarmoedermond ver genoeg open gaat (10 cm) om de baby geboren te laten worden. Dat wordt ‘ontsluiting’ genoemd. Voor de ontsluiting zijn sterke weeën nodig. Ze duren langer (1-1,5 minuut) dan voorweeën en komen regelmatig, zo om de 3 tot 5 minuten. Je voelt ze als een pijnlijke kramp door je hele bekkengebied. De een voelt ze meer in de buik, de ander in de rug. Sommige vrouwen voelen ze (ook) in hun benen. De weeën worden krachtiger en pijnlijker naarmate de ontsluiting vordert. Tijdens de laatste centimeters ontsluiting (8-10 cm) zijn ze het heftigst. Dit is voor veel vrouwen een moeilijke periode. Gelukkig is het eind in zicht! De verloskundige controleert via inwendig onderzoek hoeveel centimeter ontsluiting je hebt.

Meer informatie
Meer info